Verzending

Pakketpunt in je checkout: wat moet je regelen?

3 november 2026 · 5 minuten lezen · Team eWarehousing

Een pakketpunt of pakketautomaat toevoegen begint in je checkout, maar de keuze moet daarna foutloos meegaan naar je verzendproces. Controleer daarom niet alleen wat je klant ziet. Test ook of de gekozen locatie bij de order wordt opgeslagen, naar het magazijn gaat en op het juiste verzendlabel terechtkomt.

Afhalen wordt een belangrijkere bezorgkeuze

Out-of-Home-bezorging betekent dat een pakket naar een afhaalpunt of pakketautomaat gaat in plaats van naar het woonadres. PostNL verwacht dat het aandeel van deze bezorgvorm in Nederland stijgt van circa 13% naar ongeveer 40% van alle pakketten in 2031. Het bedrijf wil daarbij de checkout, beschikbare capaciteit en de logistieke operatie met elkaar verbinden.

Die voorspelling is afkomstig van één vervoerder. Je kunt er dus niet uit afleiden dat straks 40% van jouw klanten voor afhalen kiest. De ontwikkeling is wel aanleiding om te controleren of je checkout en fulfilmentproces deze bezorgkeuze goed ondersteunen.

Een losse tekstlink naar een zoekpagina voor pakketpunten is daarvoor niet genoeg. Je klant moet tijdens het bestellen een geldige locatie kunnen kiezen. Die keuze moet vervolgens onderdeel worden van de order.

Laat actuele locaties zien

Een checkoutkoppeling kan op basis van het adres van de klant beschikbare bezorgdagen, tijdvakken en afhaallocaties ophalen. De Checkout API van PostNL geeft bijvoorbeeld de nabijgelegen PostNL-locaties terug op basis van het klantadres, de besteldatum en de ingestelde bezorgopties.

Toon daarom geen zelf bijgehouden lijst met afhaalpunten. Een locatie kan sluiten, tijdelijk niet beschikbaar zijn of niet geschikt zijn voor een bepaalde zending. Met een actuele koppeling verklein je de kans dat een klant een locatie kiest waar het pakket niet naartoe kan.

Controleer ook de foutafhandeling. Wat krijgt de klant te zien als het adres niet wordt herkend of er geen afhaallocatie beschikbaar is? Volgens de technische documentatie kan de API daarvoor waarschuwingen teruggeven. Je checkout moet dan een begrijpelijk alternatief bieden, bijvoorbeeld thuisbezorging of een nieuw adres zoeken.

Bewaar meer dan alleen het adres

Een afhaalpunt heeft doorgaans een unieke locatiecode. Bewaar die code samen met de naam en het adres van de locatie bij de order. Alleen een gekopieerd straatadres kan onvoldoende zijn om de vervoerder te laten weten dat het om een officiële afhaallocatie gaat.

Controleer vervolgens waar deze gegevens terechtkomen:

  1. De webshop legt de keuze vast.
  2. De order gaat naar het Warehouse Management Systeem, afgekort WMS: software voor voorraad en magazijnorders.
  3. Het WMS selecteert het juiste verzendproduct.
  4. De locatiecode gaat mee in de aanvraag van het verzendlabel.
  5. De klant ontvangt de juiste afhaalinformatie.

Als één stap de locatiecode verliest, kan het pakket alsnog als gewone thuiszending worden aangemaakt. De fout wordt dan vaak pas zichtbaar nadat het label al is geprint.

Laat checkout en magazijn hetzelfde begrijpen

Gebruik in alle systemen dezelfde namen voor de bezorgopties. Een webshop kan bijvoorbeeld “pakketautomaat” tonen, terwijl het WMS alleen “afhaalpunt” kent. Dat hoeft technisch geen probleem te zijn, zolang vooraf duidelijk is welke webshopwaarde bij welk verzendproduct hoort.

Leg ook vast wat er gebeurt als een bezorgoptie niet kan worden verwerkt. Een order stil laten staan zonder melding is onhandig. Automatisch omschakelen naar thuisbezorging is evenmin verstandig, omdat de klant daar niet voor heeft gekozen.

Laat de order in zo’n situatie apart zetten en meld duidelijk waarom handmatige controle nodig is. Dan kan iemand de klant benaderen voordat het pakket vertrekt.

Test een volledige order

Een technische koppeling die een lijst met locaties toont, is nog geen afgerond proces. Plaats daarom zelf testorders en volg ze tot en met het verzendlabel.

Test ten minste:

  • een bemand afhaalpunt;
  • een pakketautomaat;
  • een adres waarvoor weinig locaties beschikbaar zijn;
  • een bestelling met meerdere artikelen;
  • een artikel dat niet met de gekozen bezorgoptie mee kan;
  • een foutief of onvolledig adres;
  • een retour van een niet-opgehaald pakket.

Controleer per test de order in de webshop, het WMS en het vervoerdersportaal. Bekijk daarnaast de orderbevestiging die je klant ontvangt. Daarin moet de gekozen locatie herkenbaar terugkomen.

Denk ook aan niet-opgehaalde pakketten

Niet ieder pakket wordt op tijd opgehaald. PostNL vermeldt op zijn informatiepagina dat een pakket bij een PostNL-punt na de afhaalperiode wordt teruggestuurd.

Spreek daarom af hoe je zo’n terugzending behandelt. Controleer eerst of de order opnieuw moet worden verstuurd, geannuleerd of teruggeboekt. Leg ook vast wie contact opneemt met de klant en welke eventuele kosten volgens jouw voorwaarden van toepassing zijn.

Als een fulfilmentpartij je retouren verwerkt, moet zij kunnen herkennen dat het om een niet-opgehaald pakket gaat. Anders kan de retour worden behandeld alsof de klant het product na ontvangst zelf heeft teruggestuurd.

Maak de keuze meetbaar

Meet na invoering hoeveel klanten thuisbezorging, een afhaalpunt of een pakketautomaat kiezen. Bekijk daarnaast hoeveel orders handmatige correctie nodig hadden en hoeveel pakketten niet zijn opgehaald.

Die cijfers vertellen je meer dan de landelijke voorspelling van een vervoerder. Je ziet dan welke bezorgopties jouw klanten gebruiken en waar je eigen proces nog vastloopt.

Je eerste stap: plaats één testbestelling waarbij je een pakketautomaat kiest. Controleer of de unieke locatiecode zichtbaar blijft in je webshop, het WMS en de aanvraag van het verzendlabel. Ontbreekt de code ergens, los dan eerst die overdracht op voordat je de optie breed aanbiedt.

Bronnen

Gecreëerd door Team eWarehousing